Mijn sociale angststoornis

Ik heb lang getwijfeld, getwijfeld of ik dit wel moest gaan delen met de hele wereld, getwijfeld hoe mensen dan wel niet over mij zouden gaan denken. Inmiddels zijn we dan ook wel ruim een jaar verder sinds ik voor het eerst therapie kreeg. Ik heb wel veel geleerd, maar tegelijkertijd blijft het een angel in nieuwe situaties. De reden dat ik er nu toch over wilde schrijven, is omdat het misschien herkenbaar is voor anderen. Of het persé gerelateerd is aan het syndroom van Klinefelter, dat weet ik dan weer niet (PDD-NOS heb ik al wel vaker gehoord), maar des ter meer reden om het wel eens bespreekbaar te maken.

Het eerst dat ik aan het werk ging met de sociale angststoornis stamt af van april 2019. Ik merkte dat er binnen mijn stage dingen niet zo gingen als bij andere studenten/collega’s en ook mijn leidinggevende stuurde met mij mee over hoe ik sterker kon worden, want het blokkeerde letterlijk in mijn werk. Iets wat totaal niet handig is als je in de zorg werkt. Bijvoorbeeld: iemand had al een luidere stem en ik werd al weer een klein jongetje. Via de basis ggz-psycholoog heb ik een therapie gehad om er mee om te leren gaan. Het was een heftige periode van therapie én dan ook nog met school bezig waar ik dan gelukkig uiteindelijk voor geslaagd ben.

Toch ging het niet zonder heel veel zelf onderzoek. Ik weet in rationele zin dat ik vroeger als kind heel erg gepest ben. Maar ik zeg bewust: in rationele zin. Ik heb gemerkt dat ik heel veel gevoelens daarin heb weggestopt. Waar het toen allemaal begon en dergelijke heb ik met mijn ouders moeten terughalen, simpelweg omdat ik het niet meer goed wist. Ik bleek eigenlijk als kind te wonen in de verkeerde wijk waarbij ik al als kind (dan praten we over een 3-jarige Romano) vrijwel dagelijks in elkaar werd geslagen. Na school gaan of van school komen was geen veilige route. Dit heeft al met al geduurd tot ongeveer mijn 10e levensjaar. Toen gingen mijn ouders (nadat er financiële ruimte was) verhuizen naar een ander deel van de stad Groningen. Vanaf dat moment kreeg ik pas de ruimte om te groeien en bloeien. Maar achteraf gezien mis ik dus een groot deel van mijn jeugd. In zowel dan mijn herinneringen (ik herinner mij maar een paar flitsen uit die jaren) maar ook als in mijn psycho-sociale ontwikkeling.

Bedenk maar eens: in die jaren word je meestal gevormd. Leer je hoe het sociaal zou moeten, welke normen er zijn, hoe je moet reageren op bepaalde situaties etc. en al met al nemende kan ik toch wel zeggen, dat ik in die jaren onvoldoende heb geleerd. Zeker in de pestjaren probeer je mee te komen met wat de groep om je heen van belang vond, maar alles met wat je doet word telkens afgekeurd door diezelfde groep. Ik denk dan ook wel dat daar mijn wortelen beginnen van mijn sociale angststoornis.

Als mensen mijn stukken lezen, dan denken ze vaak: wow, die weet het goed te beschrijven en te benoemen. Op schrift ben ik heel sterk en heb ik (blijkbaar) vanaf kinds af aan ook al gedaan. Dat was de “veilige” plek om mijn gevoel en mijn emoties te uiten. En als ik in mijn vertrouwde omgeving zit, durf ik mijzelf ook goed te uiten. Maar zit ik dan face to face tegenover iemand of in een groep die ik niet zo goed ken, dan heb ik het al gauw een stuk lastiger. Al verraad mijn gezichtsuitdrukking (van wat ik hoor van anderen) vaak al het één en ander. En het is voor mij al helemaal spannend wanneer ik in een groep ben. De één op één dingen red ik met vaak nog wel mee, maar als er dan een groep bij komt, oefff, dat is lastig. Al zit daar ook weer één uitzondering bij. Als ik bv. dan weer een presentatie moet geven of een workshop geef over iets waar ik veel van weet, dan heb ik de controle. En dat voel ik niet goed als ik in een sociale situatie zit. Er gaat dan van alles in mijn hoofd rond, maar vooral: doe ik het goed en doe ik het naar de wens van de ander? Houd ik me vast aan de normen van de ander?

Therapie

Ik ben dus in die zin in therapie geweest bij de ggz, samen met een uitstekende leidinggevende op het werk die mij kon coachen, maar ook de zere angels eruit halen als het niet zo goed ging. De therapie bestond uit twee dingen; ik kreeg online “les” met oefeningen en daarnaast had ik gesprekken met mijn psycholoog. In eerste instantie ging het goed, ik zat ook op mijn plek en ik werd ook weer enthousiaster in vertellen over mijn werk bij de psycholoog. Tot ik op een bepaald moment zoiets had van: dit gaat prima zo. Immers kende ik ook de mensen waar ik kwam en had ik nog wel spannende situaties, maar het was niet meer zo dat ik compleet bevroor en niet meer wist te handelen. Ik denk ook wel dat de belangrijkste lessen van de therapie waren dat niet alles 100% perfect hoeft te zijn en dat wanneer ik merk dat ik zenuwachtig ben, dat ik dan begin te lachen, en het ook soms benoem (zeker als ik me oké voel bij de ander). Tevens heb ik geleerd om vanuit bevriezing een eerste stap weer te zetten. Gaat dat sociaal-technisch dan altijd goed? Nee, absoluut niet! Soms gaat het goed, en soms valt het verkeerd. Dan heb ik een foute inschatting gemaakt.

Het valt of staat met goede begeleiding

Wat ik inmiddels toch wel met zekerheid kan zeggen na het afgelopen half jaar van ups en downs qua werk en werkgevers, werken in verschillende teams etc. dat het valt en staat met goede begeleiding en een voor mijn gevoel veilige omgeving, maar ook dat er iemand is waar je op kan terugvallen als het even niet gaat zoals je zou willen. Ik heb gemerkt dat wanneer er niet iemand is waar je op terug kun vallen waar je je 100% veilig voelt, je al vaak niet lekker naar het werk gaat. Net als dat wanneer er verwacht word dat je alles maar kunt, ook dan lukt het vaak niet. Ik ben in de tussentijd ook weer bij de praktijkondersteuner (POH) van de huisarts geweest (het ggz-traject was begin dit jaar afgesloten), maar heel eerlijk: de POH is niet geschikt voor mij. Of misschien is het wel deze POH, dat kan natuurlijk ook nog het geval zijn. Ik merkte dat zij vooral vertelde wat ik goed deed (altijd leuk om complimenten te krijgen), maar het deed voor mij niets in de zin voor de sociale angststoornis. Dus ik inmiddels weer een verwijzing voor de psycholoog aangevraagd. Een nieuwe werkgever met nieuwe cliënten geeft bij mij nu eenmaal veel sociale spanningen. Ik ben in dat opzicht al wel blij dat ik het dit keer ook wél bespreekbaar heb gemaakt bij mijn sollicitatiegesprek. Zo heb ik afspraken met een coach die mij van wat extra begeleiding kan voorzien en heel eerlijk: ik ben het ook nodig. Op de werkvloer heb ik de begeleiding van de wijkverpleegkundige en heb ik voor mij al een paar collega’s gekozen waarbij ik me al op mijn gemak voel om als ik ergens mee zit, dat durf te vragen. Is het makkelijk? Nee… Ik zit eerst nog 10 keer in mij hoofd te malen hoe ik het zou doen en zo gaat er soms nog wat tijd over heen voor het gevraagd is, maar uiteindelijk komt het dan wel goed. Voor mijzelf heb ik dan ook wel wat leerdoelen gesteld waar ik aan zou willen werken in de komende periode, met wat hulp vanuit de hoeken die ik nodig ben wil ik meer op mijn gevoel en keuzes leren vertrouwen. Ik wil mijzelf ook kunnen waarderen, want dat lukt me nog niet goed (ook niet gek door mijn verleden). Daarnaast wil ik beter worden in de (face to face) communicatie, zodat ik niet alleen op schrift durf te delen, maar ook in het echt. Maar ook daarin zal een belangrijk element aanwezig moeten zijn; het gevoel van veiligheid.

Deel dit:

2 thoughts on “Mijn sociale angststoornis

Geef een reactie

Het e-mailadres wordt niet gepubliceerd. Vereiste velden zijn gemarkeerd met *

Deze website gebruikt Akismet om spam te verminderen. Bekijk hoe je reactie-gegevens worden verwerkt.